In 1985 zag de eerste vierwielaangedreven BMW het levenslicht. Om dit artikel op te sieren met foto’s is het aardig als je ergens een vroeg exemplaar van iemand mag lenen. Graven in de knipselmappen kunnen we natuurlijk allemaal, maar daar is geen aardigheid aan. Die foto’s kent immers iedereen al. Nee, dan een exemplaar zien te vinden dat de tand des tijds glansrijk heeft doorstaan. Dat is zo gemakkelijk nog niet. De redactie van AMK is echter niet voor één gat te vangen en wist uiteindelijk een survivor te lokaliseren. In Castricum troffen wij een zo goed als nieuwe BMW 325iX aan. Polariszilver Metallic, vol in de opties, 92.000 km ervaring én met een setje uitermate gezellige gele Franse lampen in de neus. De door de fabriek gemonteerde koplampwissers ronden het ensemble naar boven af. Wij mochten een middagje met de Dreier op pad.
Bij Marco Hof Sportscars & Youngtimers te Castricum vonden we nog één van de eerste exemplaren met X-Drive. Hof, die er om bekend staat alleen de krenten uit de (voornamelijk Duitse) pap te vissen, stelt ons ook ditmaal niet teleur. Een heerlijk originele 325iX uit november 1985 staat ons ter beschikking om het zilveren crossdrive-jubileum van het merk met de nieren mee te vieren. De auto is voorzien van behoorlijk veel opties. Hoofdsteunen achterin, een elektrisch schuifdak dat ook al kan kantelen, boordcomputer, koplampwissers, stuurbekrachtiging, ABS, stoelverwarming: het zit er allemaal op en aan. Alleen een airconditioning ontbreekt. Maar dat was anno 1985 niet zo vreemd. De auto heeft tot de zomer van 2009 zijn rondjes in Monaco gedraaid en kwam vorig jaar bij zijn tweede eigenaar in Nederland terecht. “De man ging spontaan voor de bijl toen hij hier een 730iA aantrof met amper dertigduizend kilometer op de teller”, zo verklaart Hof de aanwezigheid van de 325iX in zijn voorraad. En inderdaad: uit de onderhoudshistorie blijkt niet dat de eigenaar van plan was de auto van de hand te doen want enkele weken voor de inruilactie is er nog voor bijna 2.000 euro aan de auto verfijnd. “Ja, het is een kostbaar exemplaar, maar wél een exemplaar zonder Wartungsstau”, onderbouwd Hof de prijs van de auto. Bijna tien mille is geen sinecure, inderdaad. Alle waar naar zijn geld natuurlijk. Op de bekende Duitse occasionsites circuleren exemplaren met soms wat meer, en soms wat minder kilometers voor ogenschijnlijk sympathiekere bedragen. “Niet alles is wat het lijkt”, waarschuwt Hof. “Vaak zit er voor duizenden euro’s aan achterstallig onderhoud aan. Dat moet je er eigenlijk nog bijtellen als je een juiste kostenraming wil maken. En ondanks het feit dat het een BMW is kunnen ze ook aardig roesten”. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, zullen we maar zeggen. Laat ik dan maar eens onderzoeken of de vraagprijs van deze auto gerechtvaardigd is.
De 325iX toont als een normale E30, maar als je wat beter kijkt (en voldoende vergelijkingsmateriaal op je harde schijf hebt staan) dan zie je de verschillen wel degelijk. De standaard op de iX gemonteerde bodykit is niet prominent aanwezig maar accentueert het bijzondere karakter van de viervoeter op een uiterst subtiele wijze. Je kunt er over discussiëren maar een feit is dat het er door de fabriek op is geschroefd en dus origineel mag heten. Over de dorpelverbreders en achterskirts zul je me niet horen, maar de passtukken in de wielkastranden mogen op zijn minst merkwaardig genoemd worden. Het verbloemt natuurlijk dat de auto wat hoog op zijn poten staat en in die opzet is BMW ook wel geslaagd, maar het is niet de meest elegante oplossing. Ik had hier liever echte uitgeklopte wielkasten gezien zoals bij de Mercedes-Benz 500 E. Dit zal uit kostenoverwegingen niet zijn gedaan, waardoor het strookje Tupperware slechts als alternatief restte. Het dashboardkastje toont ons de hand van een ware liefhebber. Naast de verplichte fabriekslectuur waar de bediening en het onderhoud van de auto in beschreven staan, tref ik daar ook een tweetal originele folders aan van de 325iX en van X-Drive. Beiden verpakt in plastic om beschadigen te voorkomen en in het Duits, maar da’s logisch want voor de handel in dit soort automobilia moet je je toch écht op Ebay Duitsland melden. Ook het boekje van de behoorlijk moderne JVC radio-/CD speler ligt er in, evenals de haken om het apparaat er weer uit te halen. Voor puristen is vooral dat laatste een fijne wetenschap. “De originele BMW Business RDS ligt achterin”, meldt Hof haastig. “Vergeet dat niet in je artikel te vermelden”. Da’s inderdaad vermeldenswaardige informatie.
De in de auto gemonteerde, handmatig verstelbare Recaro’s met blauw stoffen bekleding zitten als een honkbalhandschoen om je lichaam. Het pied de poule-motief oogt ietwat gedateerd, maar draagt wél bij aan de authenticiteit van de auto. In 1985 hoorde deze stof immers tot de keuzemogelijkheden als je een nieuwe 325iX bestelde. Na de juiste zitpositie te hebben ingesteld rij ik weg met de iX en kies de route via Bakkum door Egmond naar Bergen aan Zee. Volgens mij is dat een prima traject om deze iX eens aan de tand te voelen. De auto voelt gretig aan, wat te danken is aan het bekende 170 PK sterke zescilinder blok, dat ook in de Z1 is geleverd. De standaard gemonteerde vijfbak hoort achter dit blok als een Tabbert achter een Benz. Ik ben een geboren automaatridder maar voor deze 325iX maak ik graag een uitzondering. Bij iedere schakelbeweging pakt de auto precies in het juiste toerengebeid op en zo is er dus altijd maximaal te profiteren van het aanwezige koppel. Dat koppel is overigens een zeer behoorlijke 226 Newtonmeters; goed genoeg voor een colletje van de tweede categorie maar de Mont Ventoux trek je er niet mee van zijn plaats. Het is genoeg om de auto aansprekende prestaties te geven en je kunt er dus nog prima mee voor de dag komen in het hedendaagse verkeer. Wat mij verder opvalt is de eenvoud en rust in het dashboard, en dan doel ik op alle ‘vreemde’ schakelaars die je normaal gesproken in vierwielaangedreven auto’s tegenkomt om differentiëlen uit te schakelen of hoge en lage gearing in en uit te schakelen. Niets van dat al; die schakelaars en knoppen zijn er simpelweg niet. Je hebt X-Drive dus je rijdt X-Drive, moet men bij BMW gedacht hebben toen ze het systeem ontwikkelden. Dat klopt inderdaad, want BMW introduceerde X-Drive niet per sé om mee over het strand of door de bagger te banjeren. Nee, X-Drive zorgde voor nog meer dynamiek in bochten en bood de klanten een alternatief voor achterwielaandrijving. Dat het ook nog voor meer tractie zorgde op gladde of losse ondergrond was natuurlijk mooi meegenomen, maar niet hét motief van BMW destijds.
De auto stelt me inderdaad niet teleur maar dat is ook niet zo moeilijk omdat een 3-serie van dit type al decennia lang bekend staat om zijn goede rijkwaliteiten. De X-Drive zorgt voor veel grip in snel genomen bochten en het voelt alsof de auto aan een geleiderail bevestigd is. De tractieverhouding 37 versus 63 procent is precies genoeg om de auto nét dat beetje meer grip op de voorwielen te geven zonder ook maar een moment afbreuk te doen aan de eigenschappen van een rasechte achterwielaandrijver. Dat is bij een gewone 325i wel anders, want die staan er om bekend dat de kont nog wel eens langszij komt bij iets te enthousiast gas geven. Dat gebeurt je bij de iX niet zo snel. Of dat jammer is of juist gewenst mag je zelf invullen van mij.
Prettige bijkomstigheid is het feit dat dit exemplaar op 5 november 1985 voor het eerst op de weg is gezet. Hij is dus vijfentwintig jaar oud en behalve dat dit dus één van de allereerste exemplaren is, is de eigenaar van de auto ook nog eens vrijgesteld van het betalen van wegenbelasting. Je mag dus gratis en voor niets alle vier de wielen in het ZOAB laten graven, iedere dag van het jaar opnieuw. Qua verzekering is een youngtimerpolis aan te bevelen met een getaxeerde waarde van het casco, zodat je je investering in de auto goed kunt afdekken. Je betaalt immers tien mille voor een auto van een kwart eeuw oud en menig taxateur zal bij een ‘Total loss’ toch trachten de uitkering to laag mogelijk te houden. Met een taxatierapport voorkom je deze narigheid en krijg je keurig de juiste waarde uitgekeerd: de waarde die simpelweg bij een exemplaar in deze conditie hoort. Voor de premies hoef je het allemaal niet te laten want de in youngtimers gespecialiseerde assuradeuren gaan er van uit dat met een liefhebbersauto als de BMW 325iX op gepaste wijze wordt omgesprongen. Zij lopen dus weinig risico en dat vertaalt zich in bijzonder aantrekkelijke premies. Het laatste financiële voordeel aan het rijden met deze 325iX is voor de zakelijke rijder gereserveerd. Doordat de auto ouder is dan vijftien jaar mag je de auto, wanneer je ‘m zakelijk rijdt, bijtellen over de waarde in het economisch verkeer. In het geval van deze Polariszilveren schoonheid zou dat dus 35% van tienduizend euro zijn, bruto per jaar. Daar rij je nog geen nieuwe Polo voor.
Kortom: allemaal randverschijnselen die door je hoofd schieten als je met een BMW 325iX op pad bent. Prettige, hobbyversterkende randverschijnselen die het bezit van een dergelijke auto bijzonder veraangenamen. Maar je koopt ‘m natuurlijk vanwege het rijplezier en het bijzondere karakter van zo’n vierwielaangedreven BMW E30. De auto steekt ook zo lekker af tussen alle doorsnee leasemuizen bij je in de straat. En als je, in een dolle bui, na twee jaar in de Beier sturen al je uitgaven eens in een Excelletje zet, dan zul je er achter komen dat je op het gebied van afschrijving, belasting en verzekering gewoon goede zaken hebt gedaan. Een 325iX schrijft namelijk nauwelijks af. Er zijn er niet zo heel veel meer van over in een redelijke tot goede staat en als de vraag hoog is en het aanbod laag dan weet je wat dit met de prijzen doet. Tien mille is en blijft een behoorlijk bedrag, maar ik zou het zonder meer in deze auto durven steken. Op termijn is een originele 325iX een gewilde en veel gezochte auto die de klassiekerstatus feitelijk al bereikt heeft.
Vijfentwintig jaar X-Drive: feitjes en weetjes
Bij het BMW X-Drive systeem wordt de overbrenging van koppel en aandrijving verzorgd door een meerschijvenkoppeling met elektronische bediening. Deze verdeelt het vermogen op een variabele manier over de voor- en de achteras; precies daar waar het op de meest doeltreffende manier in tractie omgezet wordt. Sinds eind 1985 maken vierwielaangedreven voertuigen deel uit van het modellengamma van BMW. Eerst voorzichtig met de 325iX en later de 325iX Touring. De doorbraak liet tot 1999 op zich wachten met de introductie van de BMW X5. Met dit model heeft BMW het segment full-size terreinwagens opgevrolijkt met een auto die zich door zijn ongeëvenaarde sportieve rijkwaliteiten van de grijze middenmoot onderscheidde. Misschien niet de hardcore terreinbeul die men tot dan toe gewend was, maar een perfect rijdende allrounder met eveneens uitstekende terreinkwaliteiten. Het concept bleek succesvol en trendsettend te zijn. Sinds 1999 werden meer dan 1,3 miljoen BMW X modellen verkocht. Alleen al in 2008 bedroeg de verkoop meer dan 243.000 exemplaren. Van de BMW X3, die in 2003 op de markt werd gebracht, zijn al meer dan 500.000 exemplaren verkocht. De BMW X6, die in 2008 gelanceerd werd, is de enige en unieke Sports Activity Coupé ter wereld. Vijfentwintig jaar na dato blijkt de introductie van X-Drive een gouden greep geweest te zijn. BMW bekleedt een marktleidende positie in dit segment en het systeem is veelvuldig gekopieerd, al zullen de concurrenten eerder van ‘geadopteerd’ wensen te spreken.
Deze rijtest is eerder gepubliceerd in Auto & Motor Klassiek. Tekst en fotografie: Chirs de Raaf.