Lancia Dedra moest compact executive car worden

Lancia Dedra moest compact executive car worden
Lancia wilde met de door designbureau IDEA ontworpen Dedra een waardige opvolger van de zeven jaar oude en in Italië erg succesvolle Prisma in de markt zetten. De in april 1989 geïntroduceerde sedan moest een zogenaamde ‘compact executive car’ en naast de Thema het tweede vlaggenschip van het Italiaanse merk worden. In eerste instantie was aan Giugiaro, de ontwerper van de Thema, gevraagd om een kleinere sedan te tekenen. De hoge heren van Lancia vonden dit model echter teveel op hun grootste auto lijken. IDEA’s schetsen vielen beter in de smaak.

De Dedra stond op hetzelfde platform als de Fiat Tipo en de carrosserie was verzinkt waardoor roest nauwelijks een kans had. Halverwege de jaren ’90 werd het Tipo-onderstel ook gebruikt voor de tweede generatie Delta, de Alfa Romeo’s 145, 146 en 155 en de Fiat Tempra. Ondanks dat Lancia met de Dedra auto’s als de Audi 80 en BMW 3 Serie van repliek wilde dienen, bleek het publiek de auto toch een klasse lager in te schatten. In de praktijk waren vooral de Volkswagens Jetta en Vento geduchte tegenstrevers.

Bij de introductie in 1989 bood Lancia vier motoren aan in de Dedra. Aan de basis stond de 1.6 i.e. met 78 pk, gevolgd door de 1.8 i.e. (105 pk), 2.0 i.e. (113 pk) en 1.9 Turbo DS (92 pk). In 1991 kwamen daar de 2.0 HF Turbo (165 pk) en de 172 pk sterke HF Integrale bij. De Dedra HF Integrale beschikte over de motor met Garrett T3-turbo en de vierwielaandrijving van de Delta HF Integrale. Dit systeem zou later ook gebruikt worden voor de Alfa Romeo 155 Q4 en de Fiat Tempra 4×4. Nieuw was daarbij de Visco Drive 2000 tractiecontrole en de als optie leverbare regelbare schokdempers. In 1992 bracht Lancia verbeteringen aan op het gebied van interieurafwerking en konden klanten kiezen voor de 2.0 i.e. Automatic met 115 pk. Deze viertraps automaat kwam uit de magazijnen van Volkswagen. Korte tijd later werd het veiligheidsniveau van de auto op een hoger plan gebracht door de carrosserie te versterken. Bovendien werd de Dedra leverbaar met een bestuurdersairbag en gordelspanners. Omdat de 1.8 i.e.-motor niet meer voldeed aan de geldende milieu-eisen onderging dit blok wat aanpassingen met als gevolg een 15 pk lager vermogen.

Om de Dedra weer helemaal in de pas te laten lopen met de concurrentie pakte Lancia in de zomer van 1994 uit met de eerste echte facelift. Hierbij werden de motoren herzien en zowel het in- als exterieur werden op de schop genomen. Tegelijk met de facelift kwam Lancia met de stationwagon die kortweg de aanduiding SW kreeg en ook was ontworpen door designhuis IDEA. Dit was geen pakezel met een grote bagageruimte maar meer een lifestyle stationwagon. Het nieuwe motorenprogramma bestond uit een 1.6i (90 pk), 1.8i (101 pk), 2.0i automaat (115 pk), 2.0i-16V (139 pk) en 1.9 tds (92 pk). Alleen de Dedra SW was er als 2.0i-16V Integrale (139 pk) met vierwielaandrijving en de turbomotoren waren uit het gamma geschrapt. Eind 1995 voerde Lancia weer wat kleine kwaliteitswijzingen door en vervielen de 1.8i en 2.0i-16V. Daarvoor in de plaats kwam er een 1.8i-16V motor met 113 en 131 pk. In 1997 ging Lancia over tot het uitdunnen van het leveringsprogramma. Zowel de 1.8i-16V met 113 pk, de 2.0i automaat als de SW met vierwielaandrijving werden afgeserveerd.

Om de Dedra tot het eind van zijn levensloop nog aantrekkelijk te houden vond Lancia het eind 1997 tijd voor een facelift. Een nieuw design wielen, hertekende bumpers en lichtunits en een nieuwe 1.6 16V-motor met 103 pk moesten inmiddels in het slop geraakte verkoopaantallen nog op niveau zien te houden, Na 418.084 exemplaren was het eind 1999 toch echt tijd voor een opvolger en nam de Lybra het stokje over.

Tekst: Arno Lommers

Bekijk meer foto's van de Lancia Dedra op onze Facebook-pagina.
Dit artikel is gepubliceerd op 6 januari 2016

Deel dit artikel op social media

Dit bericht delen op LinkedIn