Visa begon als project tussen Citroën en Fiat

Visa begon als project tussen Citroën en Fiat
Begin jaren zeventig begon Citroën met de ontwikkeling van de opvolger van de Ami 8. In eerste instantie werkten de Fransen daarvoor samen met Fiat. Door de ontwikkelingskosten te delen konden de Italianen gunstig een nieuwe 127 in de markt zetten. In 1974 kwam Citroën in geldnood en werd het merk ingelijfd door Peugeot. Hierdoor kwam de samenwerking met Fiat tot stilstand en kreeg het nieuwe compacte model een aangepast chassis van de Peugeot 104 die in 1972 was onthuld. Het design dat in samenwerking met Fiat was ontstaan werd verkocht aan het Roemeense Oltcit en kwam als Citroën Axel naar West-Europa kwam. De belangrijkste ontwikkelingen in de carrière van de Visa zullen we per jaartal kort beschrijven.

Het project VD (Véhicule Diminuée) kreeg de naam Visa en werd vanaf september 1978 in het Franse Rennes gebouwd. De auto was er alleen als vijfdeurs. Wilde je per se een kleine driedeurs Citroën, dan was je aangewezen op de twee jaar eerder geïntroduceerde LN. Dat was niets anders dan een Peugeot 104 met een ander logo.

De 3,69 lange Visa was er in eerste instantie met een luchtgekoelde tweecilinder boxermotor met 652 cc van Citroën zelf en met een watergekoelde viercilinder 1,1-liter van Peugeot. Eigenlijk wilde Citroën de luchtgekoelde viercilinder boxer uit de GS gebruiken, maar dat plan ging niet door. In juli 1980 verscheen de 1,2-liter viercilinder in de Visa Super X, een jaar later gevolgd door de 1,0-liter in de Visa 10 E.

Omdat de verkoopcijfers van de Visa achter bleven bij de verwachtingen kreeg de auto in maart 1981 een facelift met een gewijzigde neus. Vooral de Renault 5 werd vele malen vaker verkocht. Voor de snelle jongens kwam in april 1982 de Visa GT met 1.360 cc, een vijfbak, spoilers en lichtmetalen wielen beschikbaar. Kort daarop voegde Citroën de Visa Chrono met iets meer power en speciale striping toe. Carrosseriebouwer Heuliez kwam begin 1983 met de Décapotable, een cabrio-uitvoering waarvan er 2.633 stuks zijn gebouwd. Een jaar later wijzigde Citroën de typeaanduiding van de Visa en kreeg de Décapotable de toevoeging Plein Air. Veelrijders kwamen vanaf 1984 aan hun trekken met de zuinige 1.769 cc dieselmotor en de meest snelle Visa kwam in de zomer van 1986. Deze GTI kreeg een 1,6-liter viercilinder onder de kap. Er is zelfs een gelimiteerde 4x4-uitvoering leverbaar geweest.

In de zomer van 1984 werd het karakteristieke dashboard met satellieten voor de bediening van de verlichting en ruitenwissers vervangen door een nieuw exemplaar met de gebruikelijke hendels. Vooral in thuisland Frankrijk zijn talloze actiemodellen van de Visa geleverd. Denk hierbij aan de Carte Noire, Sextant, WestEnd, Platine, Olympique, Challenger en Leader. Na de introductie van de AX 5-deurs is de productie van de Visa in de herfst van 1988 na 1,2 miljoen exemplaren gestopt.

In China werd de Visa tussen 1989 en 1994 door Liu Zhou Wuling als kopie onder de naam Wuling LZW 7100 gebouwd. In 2009 werd de productie door het Karenjy uit Madagaskar weer opgestart. De Karenjy Visa had een carrosserie van glasvezel, dus hij roestte niet.

Bekijk meer foto's van de Citroën Visa op onze Facebook-pagina.

Tekst: Arno Lommers
Dit artikel is gepubliceerd op 2 september 2015

Deel dit artikel op social media

Dit bericht delen op LinkedIn