Ferrari F355 GTS

The roar of the beasts

In 1994 lanceert Ferrari de opvolger van de succesvolle 348-serie. De in drie verschillende carrosserievarianten verkrijgbare F355 (Spider, GTS en GTB) is, net als zijn voorganger, voorzien van een 3,5 liter V8, maar nu met vijf kleppen per cilinder in plaats van vier. Het specifiek vermogen steeg daardoor naar 109 PK per liter. Zijn prestaties logen er niet om: van 0 naar 100 in 4,7 seconden en een top van méér dan 295 km/h. Ongekend en grensverleggend in 1994. Weet de F355 anno 2010 zijn berijder ook nog te boeien? Wij gingen er mee op pad.

Ferrari F355 GTSFerrari F355 GTSFerrari F355 GTSFerrari F355 GTSFerrari F355 GTSFerrari F355 GTSFerrari F355 GTS
Ik zal u eerst even wat Ferrari-jargon aan de hand doen. Dat maakt dit artikel een stuk leesbaarder. Rood heet niet rood, maar Rosso Corsa, en is de enige juiste kleur op een Ferrari. De typeaanduiding F355 duidt 3,5 liter cilinderinhoud aan met vijf kleppen per pit. Het zwarte leder heet ‘Nero’ en Pininfarina is verantwoordelijk voor de koets. GTS is ‘targa’ en GTB een coupé. De cabriolet heet ‘Spider’. Wij reden dus een F355 GTS met uitneembaar targadak in Rosso Corsa met Nero leder. Van 1994, dus een vroege F355 en de kilometerteller toont ons zijn 42.000 km ervaring. Da’s niet veel in zestien jaar maar met de gemiddelde Ferrari wordt nooit zo heel erg veel gereden.

Volgens intimi (dat woord zou op zich al Ferrari-jargon kunnen zijn) is de F355 in GTS-uitmonstering de mooiste Ferrari ooit gebouwd. Als je naast de auto staat, ben je geneigd die intimi onmiddellijk te geloven en ga je er voetstoots van uit dat ‘intimi’ in dit verband een afkorting is van ‘intimidatie’. Want de F355 GTS is een ongelofelijk indrukwekkende, overweldigende automobiel. De sleutelwoorden zijn in dit geval ‘Rood’ en ‘breed’. De auto komt nauwelijks tot mijn taille, qua hoogte, en ik vraag mij werkelijk af hoe ik mijn 1,84 meter daar in zou kunnen krijgen. Gelukkig kan het targadak worden uitgenomen en dat doe ik dan ook maar meteen want het zonnetje schijnt toch en er is verder ook geen enkele bedreigende wolk waar te nemen.

Zonder targadak (wat overigens een lelijk detonerend zwart luik is) is de F355 werkelijk oogstrelend mooi. Van welke kant of vanuit welke hoek je de auto ook bekijkt; alle carrosserielijnen kloppen. Toch wil je dat dakje wel kunnen meenemen, want het is in Nederland nu eenmaal niet zo dat je garantie kunt claimen op het aantal zonuren per dag. Je houdt altijd rekening met een onverwachte bak water en die valt nooit als je net onder een viaduct in de file staat. Daar rijst meteen het eerste probleem. Er is in de F355 geen rekening gehouden met het feit dat je het targadak ook mee wil nemen, in tegenstelling tot de Porsche 911 targa met z’n makkelijk op te vouwen dak. In de kofferbak aan de voorzijde van de auto is geen plaats en achterin is ook geen optie, want daar ligt - klein detail - een V8 in de weg. Dan blijft er dus maar één plek over, en dat is achter de stoelen. Dat is verre van ideaal want het dakje steekt half voor het achterruitje en balanceert op de middentunnel zonder dat je de mogelijkheid hebt het ding adequaat vast te snoeren. Je kunt dus eigenlijk kiezen uit monteren of thuislaten. Wij kiezen voor de laatste optie en nemen daarmee bewust het risico dat ‘Nero’ wel eens een douche zou kunnen krijgen. Soit. No guts, no glory.

Het is mijn vuurdoop. Mijn Maranello-ontmaagding. Nimmer reed ik zo’n scharlaken monster en toch ben ik wel wat gewend op autogebied. Porsche’s GT2 en GT3, diverse turbo’s, kuddes Mercedessen, Audi’s met twee letters in de typeaanduiding en diverse BMW’s maar nimmer een rode Ferrari. Ik neem plaats op de goed gevormde lederen sportstoel en kijk eerst maar eens rustig om mij heen. Vreemde schakelaars op dito plaatsen. Een koppelingspedaal met een bedieningsgemak waar de gemiddelde fysiotherapeut van gaat watertanden. Een zesversnellingsbak die je onomwonden laat zien waar je de pook zal moeten laten bij op- en terugschakelen. Geen compromis mogelijk; in het gleufje moet ‘ie. Dat ziet er gelikt uit, maar is in de praktijk onhandig; het gleufje in kwestie is namelijk niet erg ruim bemeten. Misschakelen is bijkans onmogelijk maar ik zie mezelf in het heetst van de strijd toch niet die “H” letterlijk volgen. Nou ja, een goed Nederlands spreekwoord luidt ‘een mens lijdt het meest onder het lijden dat hij vreest’ dus het beste is het om de F355 maar eens de weg op te sturen in plaats van me op voorhand zorgen te maken. Starti di Motori, dus.

Nu heeft een F355 van fabriekswege al niet het meest bescheiden uitlaatgeluid meegekregen. Je hebt als fabrikant nu eenmaal een reputatie of je hebt ‘m niet. Een Ferrari is niet alleen een optisch feest maar auditief moet het natuurlijk ook dik voor elkaar zijn. Als wij ons exemplaar starten (en dat gaat gewoon met een soort vierkante Fiat-sleutel) brengen de vier aanwezige stortkokers een soort Italiaanse variant van de oerknal voort. Een stationair doordenderende oerknal dan. Ik vraag mij onmiddellijk af wat mijn buurman er van zou vinden als ik iedere morgen per F355 van huis zou vertrekken om, pak-em-beet, half acht ’s morgens, broodtrommel op de passagiersstoel. En dan vergeet ik gemakshalve mijn twee jongste kinderen van twee en vier even die samen knus boven de garage slapen. Ik vrees een verwijsbriefje voor de KNO-arts en een woedende echtgenote.

Capristo is hier verantwoordelijk voor. De eerdere eigenaar van de F355 had kennelijk niet genoeg aan het fabrieksgehuil van de F355 en voegde daar, tegen betaling van ettelijke duizenden euro’s, een Capristo sportuitlaat aan toe. Als u weet dat Capristo op hun website de slogan ‘The roar of the beasts’ voert, dan weet u meteen hoe het klinkt. ‘Niet ingetogen’ is een understatement.

Behoedzaam wrik ik de pook in één en tracht de koppeling rustig op te laten komen. Oefening baart kunst en dat is maar goed ook want ik kom straks in het openbaar voor verkeerslichten te staan met ongeduldige forenzen achter mij. Ik zie het dus niet zo zitten om de auto bij groen af te laten slaan want ik rij ook nog eens in mijn eigen woonplaats en zo’n verhaal blijft lang hangen. Erg lang. Wonderwel zet de auto zich in beweging en langzaam rol ik het dijkje af. Bij de weg aangekomen ga ik veilig rechts, want op deze drukke provincialeweg linksaf slaan vergt een goede timing en ik wil eerst aan de auto wennen. Statig trek ik de F355 de bocht om en schakel door naar twee. Het gaat allemaal wat moeizaam, maar daar was ik reeds voor gewaarschuwd: een koude F355 rijdt heel anders dan een warme F355. Ik kan niet wachten tot de olietemperatuur op negentig graden staat. Daar is goddank een metertje voor dus ik hoef dat niet te gokken.

Langzaam kabbel ik de provincialeweg af, met de verkeersstroom mee. Op wandeltempo laat de auto zich gemoedelijk met de Astra’s en Insignia’s meevoeren, al is het gaspedaal niet van de aller-soepelste soort. Dan kan exemplarisch zijn, maar als ik het afzet tegen de bediening van koppeling en pook dan concludeer ik dat het pedaal in orde zal zijn en het kennelijk zo hoort. Het betekent dat je je zitpositie heel zorgvuldig moet instellen want anders is het pedaal bij rustig rijden lastig te doseren. Het verkeersplein laat zich gemakkelijk ronden en voor het eerst merk ik een vleugje van het pure karakter van de auto. Het is als karten; de auto geeft geen krimp en volgt iedere stuurbeweging nauwgezet. ’t Is net een Porsche, denk ik nog. De rit door de bebouwde kom van Castricum laat zich kenmerken door gillende pubers, omvallende kleuters, fotograferende GSM-bezitters, opgestoken duimen van voornamelijk Alfisti en opgetrokken wenkbrauwen van het serieuzere, over het algemeen wat oudere deel der bevolking. Een Ferrari roept emotie op. Voor de één is dat enthousiasme, voor de ander afgunst. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de Ferrari-bezitter het daar ook voor doet. De verschijning van een dergelijke auto in het dagelijkse verkeer baart opzien, hoe je het ook wendt of keert. Dat wéét je als je zo’n auto aanschaft en als je dat niet wil dan kies je simpelweg voor een Porsche.

Bij de snelweg aangekomen geeft de olietemperatuurmeter een kerngezonde waarde aan. Da’s mooi, want een F355 is niet gemaakt om stationair mee door een 30 km/h zone te blaffen. De oprit naar de snelweg is vrij, het gas gaat er op en de naald van de toerenteller loopt sneller op dan de vu-meters in de plaatselijke discotheek. Snel naar drie en ik realiseer me in een flits dat ik de pook in één ferme beweging op zijn plaats weet te krijgen. Het kan dus wél. Ongegeneerd hard trekt de F355 zichzelf door de oprit heen en hij geeft je het gevoel dat ‘ie zichzelf aan het asfalt vast trekt. Het is alweer tijd om te schakelen, schreeuwt de firma Capristo van achter de auto en ik trek door naar vier. De snelheidsmeter geeft op dat moment al een hoogst illegale waarde aan. Ik besluit om de auto iets af te laten zakken en schakel naar vijf en meteen maar naar zes om de toeren wat af te toppen. Lafjes, maar ik heb die roze creditcard zo verschrikkelijk hard nodig en ik sta niet graag op de voorpagina van het lokale sufferdje. Ik ben waarschijnlijk de eerste testrijder die ‘het nieuwe rijden’ in de praktijk brengt tijdens een testrit in een Ferrari F355, stel ik nuchter vast. De souplesse van een warme Ferrari V8 is er overigens niet minder om, want tot mijn verbazing slikt de auto het voor zoete koek en is er geen moment sprake van smoren. Bij gas er op in zes vanaf 120 km/h dendert de Capristo in een diep donkergrijze symfonie en trekt de auto als vanzelf zijn snelheidsmeter en toerenteller gezamenlijk in ijltempo naar de rechterkant van de teller. Alsof het niks is.

Voor ik het goed en wel in de gaten heb duikt de rotonde Alkmaar op en ik blijk mazzel te hebben, want alle verkeerslichten springen op groen als ik er op af rij. Dan kan ik mooi het tempo er een beetje inhouden en binnen no-time zet ik de F355 weer in tegengestelde richting op de A9. Nu even wat hoger in de toeren, omdat de auto daar nu eenmaal om vraagt. Als ik staande gehouden wordt, dan zal dat mijn excuus zijn, besluit ik. Ter hoogte van de afslag Heemskerk besluit ik de afslag per ongeluk te missen. De oplettende lezer realiseert zich gniffelend dat er dan nog maar één manier is om die afslag weer te bereiken en dat is door de Velsertunnel, en via IJmuiden door diezelfde Velsertunnel weer terug.

Soms zijn volwassen mannen net kleine kinderen. Wie wel eens op YouTube de criteria ‘Ferrari F355’ en ‘tunnel’’ heeft ingevoerd wéét waarom ik die afslag miste. Mocht u ooit nog eens in de gelegenheid komen om een F355 te mogen besturen, doe dan beslist eens het volgende: trek de bak vlak voor de tunnel met 110 km/h terug naar drie, hou een lege linkerbaan in reserve en schakel pas door na 6.000 toeren per minuut. Hou tijdens deze exercitie ramen en dak geopend en kijk tegelijkertijd goed naar de reacties en capriolen van de overige weggebruikers. U kunt mij uw ervaringen per mail kenbaar maken. Mijn mailadres is bij de redactie van uw lijfblad genoegzaam bekend. Om voor u een tipje van de sluier op te lichten: de fotograaf naast mij had letterlijk het kippenvel op zijn arm staan en rond zijn mond hing géén besmuikt glimlachje, maar een brede, keiharde schaterlach.

In de achteruitkijkspiegel zie ik de thermiek vanuit de motor door de zwarte rasters van de motorkap opstijgen, waardoor de blik op het achteropkomend verkeer vertroebeld raakt. Wat zou het ook; wat achter je is, is immers geweest en inhalen doen ze je toch niet. Ik laat de auto nog even stationair stoom afblazen op het pad van de eigenaar en onderwijl recapituleer ik mijn indrukken die ik van de auto heb opgedaan. Een Ferrari is een pure machine, een sportwagen pur sang. Er wordt nog ouderwets gewerkt in de F355, getuige de zware koppeling. Dat mag de pret niet drukken en is alleszins te prefereren boven de klinische rijeigenschappen van moderne auto’s. Wil je je graag anoniem door het verkeer bewegen dan doe je dat niet per F355 GTS. De auto trekt meer aandacht dan een Maori-krijger die een oorlogsdans doet op het door eikenbomen omzoomde dorpsplein van Oldeberkoop. Het zal de Ferraristi allemaal worst wezen.

Deze rijtest verscheen eerder in Auto & Motor Klassiek.
Tekst: Chris de Raaf
Fotografie: Carlo Hof

Meer informatie bij dit artikel vindt u op: http://www.fcn.nl

Specificaties Ferrari F355 GTS

Cilinderinhoud: 3496 cc - V8 met 5 kleppen per cilinder
Transmissie: handgeschakelde zesbak
Vermogen: 380 pk bij 8.250 tpm
Koppel: 360 Nm bij 5.800 tpm
Topsnelheid: >295 km/h
Acceleratie 0-100 km/h: 4,7 sec.
Acceleratie 0-200 km/h: 16,5 sec.
1 km staande start: 23,4 sec.
Nordschleife: 8’13”